Corner Memories

Zomer 1987 – Nog wat duf van de avond ervoor sta ik op de stoep voor de Corner te wachten. Het is kwart voor drie op een zonnige zondagmiddag in juli en terwijl de meeste mensen ergens buiten van hun zondagmiddag genieten ben ik klaar om weer aan het werk te gaan in het donkere hol. In de verte zie ik Pento aankomen, gekleed in een spijkeroverhemd met daaroverheen een zwart leren chilet. De zwart leren tas, met het wisselgeld voor die dag, houdt hij geklemd onder zijn linker arm. Ik groet hem vriendelijk als hij bij de deur van de Corner stopt en in zijn broekzak grabbelt. Zijn donkere baard rekt helemaal mee als hij me een brede grijns geeft en een bos sleutels uit zijn zak tovert. Als hij de deur opent komt ons een walm van schraal bier en volle asbakken tegemoet. Met gekromde rug sloft Pento de corner in, op zoek naar de lichtschakelaar. Vanuit het halletje hoor ik hem diep insnuiven. ‘Ahhh, wat roekt dat hier weer lekker’ brult hij in het Gronings met rauwe Joe Cocker stem. Als het licht aan gaat volg ik hem door het halletje, waarbij ik mijn ogen net te weinig tijd geef om aan de zwakke barverlichting te wennen en daardoor een stuk of drie barkrukken omver loop. Pento lacht sarcastisch en verdwijnt naar het kleine keukentje achter de voorste bar.

Een kwartier later sta ik te draaien in mijn discobar tegenover de kleine betegelde dansvloer waar een groepje meiden op Papa Chico van Tony Esposito staat te dansen. Hun fleurige zomerkleding licht fel op door de paarse tl-buizen aan het plafond. Naast een paar oude gekleurde gloeilampen, die op de muziek knipperen, is dat de enige verlichting boven de dansvloer. Meer is ook niet nodig want de Corner moet zo donker zijn dat je net kunt zien waar je loopt. Aan de bar staat een groep jongelui die een drankje bij Pento bestellen. Ik weet al precies wat hij met een brede grijns tegen de meiden zal zeggen: ‘Nait neukn’ den d’roet!’ Ze zijn het van hem gewend. Sommigen mogen van hun ouders niet eens in de Corner komen. Vorige week kwam er nog een oudere man op zondagmiddag briesend van woede binnenstormen op zoek naar zijn dochter van vijftien. Die had zich met haar nieuwe vriendje in een inham aan de zijkant van mijn discobar verscholen. Als ik over mijn platenkoffer boog kon ik ze op de vloer zien zitten, druk friemelend en zoenend. Ook al was Pento enorm grof in zijn taalgebruik, hij beschermde de jonge meiden in zijn zaak wel en dus verliet de boze vader onverrichte zaken de Corner om ergens anders zijn dochter te zoeken.

Tegen zes uur wordt het drukker want dan breek het piekuur aan. Twee uur lang een biertje voor maar één gulden. De echte kroegtijgers komen de zaak binnen en het bier vloeit rijkelijk. Ik heb tot acht uur pauze en ga naar de dichtstbijzijnde snackbar om wat te eten. Als ik tegen acht uur terug kom zijn de meeste jonkies vertrokken. De kroegtijgers hangen wat wezenloos op hun barkruk en staren naar de ronde tafel voor zich, die vol staat met half leeggedronken en vooral doodgeslagen biertjes. Het piekuur heeft zijn werk weer gedaan. Als ik begin te draaien komt de derde lichting binnen. Jongeren vanaf zestien jaar die nog even een paar uur willen dansen voor dat de nieuwe werk- of schoolweek weer begint. De jongens van de motorclub komen ook binnen en één van hun loopt gelijk op mij af. ‘Eev’m Bon Jovi ja!’ schreeuwt hij. Ik leg hem uit dat ik net een nummer van Bon Jovi heb gedraaid en dat hij even moet wachten maar daar neemt hij geen genoegen mee. In de discussie die dan ontstaat, begint hij me te bedreigen en gesteund door een paar cola-vieux breek ik voor zijn ogen heel dapper de plaat van Bon Jovi doormidden. Dan gaat het heel snel. Onze motorvriend trekt me over de mengtafel uit mijn discobar en wil me op de dansvloer een vuistafdruk in m’n gezicht geven maar wordt tegengehouden door Pento, die razendsnel achter de bar vandaan is gekomen om mij te redden.

Tegen één uur ’s nachts verlaten de laatste klanten de zaak en draai ik, zoals elke avond de laatste plaat voor Pento. Terwijl Sailing Home van Piet Veerman uit de speakers schalt neem ik de tafels af met een sopje en veeg de dansvloer. De rest is voor de schoonmaakster. Als ik aan de bar ga zitten pruttelt de percolator en ruik ik de frikandellen die Pento in het kleine keukentje staat te frituren. Op de bar staat mijn koffiekop met daaronder mijn loon in een klein bruin envelopje. Als Pento met de frikandellen uit de keuken komt is de koffie klaar. ‘Siepels?’ vraagt hij en smakt een plastic bakje met gesneden uitjes op de bar. We drinken onze koffie en eten onze frikandellen. ‘Als ik die was,’ gromt Pento met een brede grijns, ‘zal ik een nije Bon Jovi koop’n.’ Ik kijk hem aan en lach flauwtjes. ‘Nog bedankt voor je snelle actie!’ Pento begint te lachen. ‘Dien kop ken mie niks scheel’n moar zunder diskjockey heb ik gain handel!’

In memory: Pento (Hendrik Pentinga)
*01-08-1945 – †12-03-2012

© René Gardenier – 2012

  • 73
    Shares
4 Thoughts on Corner Memories
    karin knol
    19 Feb 2019
    5:46pm

    Ook ik heb een leuke herinnering aan Pento. Het was eind jaren 60, begin 70, toen ik deze man voor t eerst leerde kennen, ik was 4 of 5, ik mocht met m,n vader mee naar t cafe op de hoek in Zeerijp, ( weet de naam niet meer), daar was een man in een lang wit gewaad, met lange donkere haren en een flinke baard. Ga die meneer maar een handje geven , was de opdracht van m,n vader, ik liep naar hem toe en zei hoe ik heette, en ik ben Jezus zei Pento. Wouw dat was me wat, ik had Jezus een handje gegeven, wat weet je op die leefdheid , ja Jezus kende ik , ik zat immers op een christelijke kleuter school…. totdat we weer weg gingen, liet ik Jezus geen moment ui het oog vanzelf. Thuis gekomen in geuren en kleuren verteld aan m,n moeder wie ik had gezien, die kon er hartelijk om lachen en wist wel beter… S,maandag naar school, en natuurlijk moest ik na het ochtend gebed opbiechten dat ik Jezus niet alleen had gezien maar ook nog een hand had gegeven…. dat schoot bij juf in het verkeerde keelgat, en omdat zij bleef zeggen dat dat onmogelijk was, en ik maar vol bleef houden dat het echt gebeurd was, werd ik verbannen naar de gang, en een briefje mee naar huis of de ouders even wilden komen praten…. Je zult dan denken nu komt het wel goed als er uitgelegd word dat dit een grap was van paps en z,n vriend, nee dus, tot overmaat van ramp , voor de juf, bevestigde mijn vader mijn verhaal, zonder te blikken of te blozen,,,, hoe het verder is gegaan kan ik me niet heugen, wel weet ik dat juf me “anders”bekeek dan voorheen……”Jaren later kwam ik ook in de corner ,vanzelf, en heeft Pento het nog wel es verteld, lachen natuurlijk…. en nu nog kan m,n moeder het niet laten dit in een goed gezelschap nog es uit de doeken te doen. Dat is de reden dat ik Pento nooit zal vergeten. R.I.P. lieve “Jezus “Pento.

    Alex Kuiper
    23 Feb 2019
    2:59pm

    Ken Pento alleen van de verhalen, maar je verhaal van het dj leven in dat kleine kroegje komt me bekend voor. Het waren mooie tijden.

Laat een reactie achter

Je reactie wordt voor het plaatsten eerst behandeld door een moderator.